U bent hier

Blog van Bos Sjaak

Westfriese Omringdijk volgens Wagendorp 5

Op zaterdag 5 september j.l. hield schrijver, columnist en vriend Bert Wagendorp een lezing over de Westfriese Omringdijk in Eenigenburg. Bert declameerde en ik maakte deel uit van The Deurloupers die in het kleine kerkje aldaar de muzikale omlijsting verzorgden. Omdat ik de bezoekers van de DaikSait de lezing niet wil onthouden volgt hier deel 5:

"Een ander verhaal ligt in dit geval voor de hand. Wie Nederland wil begrijpen, moet het verhaal van de Westfriese Omringdijk kennen. Hoe een netwerk van lokale dijken tot één geheel werd gesmeed en hoe voor het onderhoud een systeem van gedeelde verantwoordelijkheden werd bedacht. De Nederlandse bestuursstructuur, waarin overleg, compromis en inschikkelijkheid essentieel zijn, vond hier al zijn vorm. Het polderen werd hier geboren. Rond 1200 was al het veen in West-Friesland ontgonnen, met als gevolg bodemdaling en waterproblemen. Uit de wirwar van dijkjes die bewoners rond hun bezit bouwden, ontstond langzaam maar zeker een aaneengesloten stelsel van dijken, een omringdijk. In de eeuwen daarna werd het stelsel in de beste poldertradidies onderhouden en verbeterd - feitelijk tot op de dag van vandaag.

Volgens cultuurhistoricus Herman Pleij is de Westfriese Omringdijk een ‘lieu de memoire’, een gedenkplaats, een plek waar ‘iets is gebeurd in de gemeenschap’. We fietsen er maar achteloos overheen, schreef Pleij, en we realiseren ons niet dat we over een wereldwonder rijden. Over een symbolisch stukje van onze polderidentiteit. 

Over geen menselijk bouwwerk in ons land is zoveel ruzie en onenigheid geweest als de Omringdijk. Nergens zijn zoveel compromissen gesloten. Hier hebben we het polderen onder de knie gekregen.

God schiep de wereld, luidt een bekende marketingkreet, maar de Nederlanders schiepen Nederland. Dat kunt u hier mooi zien, als u straks even naar de dijk wandelt en om u heen kijkt. In geen velden of wegen meer zee te zien.

Als de Westfriese Omringdijk de rand van de badkuip is, dan zwemt daarbinnen de Westfries. Wie is dat ? In een mondialiserende wereld trekken we ons terug op de eigen regio, de eigen streektaal, de veronderstelde eigen identiteit. Zo is sprake van een Achterhoekse identiteit, een Friese identiteit en een Zeeuwse en Groningse identiteit. Onder meer.

Westfriezen hebben de dijk gemaakt, de dijk de Westfriezen. Dat klinkt mooi, maar we weten natuurlijk helemaal niet of dat echt zo is. Of het echt de voorvaderen van Sjaak Bos waren die hier die dijk bouwden. En hoe de dijk de Westfriezen creëerde is helemaal onduidelijk, al zijn er heus wel plekken langs de dijk waar je prima de liefde kunt bedrijven.

De beste vertolker van de Achterhoekse identiteit is de band Normaal. Ooit vertelde zanger Bennie Jolink dat hij heel wat merkwaardige toestanden had meegemaakt, in de Achterhoek, Brabant en elders. Maar nergens, zei hij, gaat het publiek zo te keer als in West-Friesland. Hij noemde het angstaanjagend. Dat is dus kennelijk onderdeel van de Westfriese identiteit: bands de schrik op het lijf jagen. En, zo heb ik zelf tijdens een popconcert in Waarland mogen waarnemen: zoveel bier naar het podium gooien dat voor de betreffende muzikanten de verdrinkingsdood dreigt is ook onderdeel van de Westfriese identiteit.

Er wordt in Westfriesland veel gezopen. Misschien zijn het de hoge luchten die de mensen naar de fles drijven. Gedurende mijn periode als correspondent van de Volkskrant in Engeland, maakte ik een keer een reportage in de Fens, het gebied ten noorden van de stad Cambridge, in het oosten van het land. Zeg maar het West-Friesland van Engeland. Polders, rechte kanalen, hoge luchten. De Fens hebben het hoogste zelfmoordpercentage van Engeland. Iemand die ik erover sprak, zei: ‘Soms kunnen de mensen ineens niet meer tegen die drukkende hemel, die hoge lucht die de mensen klein maakt. Op andere plekken heb je heuvels, bescherming. Maar hier niet.’ Ook in de Fens werd veel gedronken.

Er is de afgelopen jaren veel aandacht geweest voor de problemen onder Westfriese jongeren, die vaker dan leeftijdsgenoten elders een eind maken aan hun leven. Ze zeggen dat de Westfries zich moeilijk uit en de dingen opkropt – tot dat niet langer lukt. Het is een van die wonderlijke en in dit geval tragische fenomenen die zich moeilijk laten begrijpen.

Bert Wagendorp

wordt vervolgd

Westfriese Omringdijk volgens Wagendorp 4

foto sjaak bos

Op zaterdag 5 september j.l. hield schrijver, columnist en vriend Bert Wagendorp een lezing over de Westfriese Omringdijk in Eenigenburg. Bert declameerde en ik maakte deel uit van The Deurloupers die in het kleine kerkje aldaar de muzikale omlijsting verzorgden. Omdat ik de bezoekers van de DaikSait de lezing niet wil onthouden volgt hier deel 4:

Als ik over de Omringdijk fiets, en dan met name over het stuk tussen Schagen en Alkmaar, probeer ik me wel eens voor te stellen hoe dat moet zijn gegaan, in de middeleeuwen. Hoe ze die dijk met de blote handen hebben opgeworpen en hoe gezellig dat moet zijn geweest, vooral in de winter. Hoeveel mensen er het loodje hebben gelegd, tijdens de werkzaamheden. Ze hadden toen nog geen Arbowet. Mijn credo luidt: vroeger was alles slechter, en vooral de fietsen.

Sinds kort is de Westfriese Omringdijk ontdekt. Herondekt, moet je zeggen. Het is alsof mensen opeens de ogen zijn geopend: er ligt iets heel bijzonders in jullie achtertuin. Dat heeft te maken met de toenemende belangstelling voor de geschiedenis van de eigen streek en natuurlijk ook met economische motieven. Toerisme is inmiddels de grootste industrie ter wereld, en hij zal alleen maar verder groeien. En hier ligt een trekker van jewelste, mits je er de juiste verhalen aan koppelt. Want dat is altijd nog belangrijker dan het betreffende monument zelf, om hordes toeristen te trekken: dat er verhalen aan hangen.

Een van de mooiste verhalen van de dijk vind ik het volgende: vermoedelijk liggen er in de dijk tussen Medemblik en Enkhuizen meer hunebedden verscholen dan er nu nog in Drenthe zijn te zien. Met schuiten werden de keien over het IJsselmeer aangevoerd, en hier gestort ter versterking. Ik reed er een keer lek en toen ik mijn band stond te plakken dacht ik: ik sta voor het eerst boven op een hunebed.

Bert Wagendorp

wordt vervolgd

Pagina's

Theme by Danetsoft and Danang Probo Sayekti inspired by Maksimer